Op 2 april 2019 oordeelde het Hof ’s-Hertogenbosch over de vraag of een werkgever aansprakelijk is voor de schade die een man opliep nadat hij meeliftte op de vork van een heftruck. Ondanks dat de actie van de man in strijd is met de geldende voorschriften, wordt de werkgever toch aansprakelijk gehouden voor de schade als gevolg van het ongeval.

Casus

Op 20 september 2013 was de man werkzaam op het terrein van een transportbedrijf. De man was onderweg om een aantal big bags van ongeveer 1000 kilo te lossen en te stapelen. Onderweg zag de man een heftruck aankomen. De man besloot om op de vorken van de rijdende heftruck te gaan staan. Hij zwaaide nog even vriendelijk naar de chauffeur van de heftruck. Die schrok daar zo van dat hij abrupt naar links stuurde en vol op de rem trapte. De big bag die zich op de rijdende heftruck bevond schoof daarbij naar voren en viel tegen een vrachtwagen aan. De man zat bekneld tussen de big bag en de vrachtwagen. Ten gevolge van het ongeval heeft de man zijn rechter scheenbeen op meerdere plaatsen gebroken en is zijn rechter kuitbeen gebroken. De man stelde vervolgens de werkgever van het transportbedrijf aansprakelijk voor de geleden schade.

Wat vindt het Hof van deze casus?

De werkgever werd aansprakelijk gesteld op grond van werkgeversaansprakelijkheid. Dat de man schade heeft geleden in de uitoefening van zijn werkzaamheden was duidelijk. Het Hof moest echter oordelen of de werkgever zijn zorgplicht wel was nagekomen en of er sprake was van opzet dan wel bewuste roekeloosheid aan de kant van het slachtoffer.

De zorgplicht van de werkgever houdt in dat de werkgever zodanige maatregelen dient te treffen en aanwijzingen dient te geven als redelijkerwijs nodig is om te voorkomen dat werknemers in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade lijdt. De werkgever heeft de bevoegdheid om aanwijzingen te geven over de uitoefening van de werkzaamheden, waaronder met welke hulpmiddelen de werkzaamheden worden uitgevoerd. Als werkgever moet je er op toezien dat de instructies, waaronder ook vallen veiligheidsvoorschriften, worden nageleefd. En daar ging het om in deze zaak.

De werkgever dient de instructie te geven dat een heftruck niet mag worden gebruikt als vervoersmiddel en de werkgever moet er op toezien dat die instructie ook wordt nageleefd. De instructie dat een heftruck niet mag worden gebruikt als vervoersmiddel was gegeven en waarschuwingsstickers gaven ook duidelijk aan dat het verboden was. Maar in het bedrijf was het gebruikelijk dat de veiligheidsvoorschriften niet werden nageleefd. En de directie was daarvan op de hoogte. Het Hof concludeerde dat de werkgever onvoldoende toezicht hield op het naleven van de veiligheidsinstructies. De werkgever had zijn zorgplicht dus geschonden.

Van werkgeversaansprakelijkheid is geen sprake wanneer de schade is veroorzaakt door opzet of bewust roekeloos handelen van het slachtoffer. De werkgever stelde dat er geen rekening moet worden gehouden met iemand die ineens op een rijdende heftruck springt. Het Hof vond dat er geen sprake was van opzet of bewuste roekeloosheid, mede doordat het in het bedrijf gebruikelijk was om de heftruck te gebruiken in strijd met de geldende veiligheidsvoorschriften.

Conclusie

De actie van het slachtoffer in deze zaak was weliswaar in strijd met de geldende veiligheidsvoorschriften, toch wordt de werkgever aansprakelijk gehouden voor de geleden schade. De werkgever wordt verweten onvoldoende toezicht te houden op naleving van de veiligheidsvoorschriften.

Heeft u vragen over werkgeversaansprakelijkheid?

Aarzel dan niet om contact met ons op te nemen. U kunt ons bereiken op telefoonnummer 073-6900888, of stuur ons een facebookbericht of een e-mail naar info@jba.nl.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *