Werknemer struikelt over kratten, werkgever aansprakelijk?

Recent heeft het gerechtshof Den Haag geoordeeld over de vraag of een werkgever aansprakelijk was voor de schade die een werknemer heeft opgelopen tijdens de uitoefening van haar werkzaamheden. Zij was gestruikeld over een aantal kratten die op de vloer in het looppad stonden.

De uitspraak kunt u hier lezen.

Wat is er gebeurd?

In de ochtend van 21 december 2015 is de werknemer tijdens werktijd een ongeval overkomen. Het ongeval vond plaats in een kantoorruimte van de werkgever waar zich een aantal kasten en bureaus bevond, waaronder het bureau van werknemer. Het was de tijd voor Kerstmis en er waren kerstkaarten binnengekomen. Deze kaarten stonden op een kast aan de andere kant van de kantoorruimte (bezien vanaf het bureau van de werknemer). Omdat die kerstkaarten steeds omvielen, besloot de werknemer die kaarten te pakken en op te hangen.

De werknemer is daarbij gestruikeld over een aantal kratten die op de vloer in het looppad stonden. De val heeft geleid tot een gecompliceerde breuk aan haar linker heup. Uiteindelijk is de heup na een aantal operaties vervangen door een totale heupprothese.

De werknemer stelt de werkgever aansprakelijk voor schending van de zorgplicht. De werkgever schakelt hierop diens verzekeraar in. De verzekeraar van de werkgever, Centramed, wijst aansprakelijkheid af. De werknemer richt zich vervolgens tot de rechtbank.

Oordeel rechtbank

De rechtbank is van mening dat van een werknemer mag worden verlangd enige oplettendheid te betrachten op de werkvloer. Een moment van onoplettendheid kan niet zonder meer worden afgewenteld op de werkgever. De zorgplicht van de werkgever is niet onbegrensd. Naar het oordeel van de rechtbank is sprake van een ongelukkige samenloop van omstandigheden zodat op de werkgever geen bijzondere zorgplicht rust.

De werknemer laat het hierbij niet zitten en richt zich tot het gerechtshof.

Oordeel gerechtshof

Het gerechtshof oordeelt als volgt. Het ongeval is de werknemer overkomen tijdens werktijd, op de werkvloer, in de ruimte waar haar bureau stond. Het ophangen van kerstkaarten in de kantoorruimte is in de tijd voor kerst niet vreemd en houdt voldoende verband met het werken als administratief medewerkster. Het gerechtshof concludeert dat de werknemer schade heeft opgelopen in de uitoefening van haar werkzaamheden. Nu resteert de vraag of de werkgever heeft voldaan aan diens zorgplicht.

Bij de beantwoording van deze vraag moet in aanmerking worden genomen dat met de zorgplicht van de werkgever weliswaar niet wordt beoogd een absolute waarborg te scheppen voor de bescherming van de werknemer tegen het gevaar van arbeidsongevallen, maar dat gelet op de ruime strekking van de zorgplicht niet snel mag worden aangenomen dat de werkgever daaraan heeft voldaan en bijgevolg niet aansprakelijk is voor door de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden geleden schade. Art. 7:658 BW vergt immers een hoog veiligheidsniveau van de betrokken werkruimte, alsmede van de organisatie van de werkzaamheden en vereist dat de werkgever het op de omstandigheden van het geval toegesneden toezicht houdt op behoorlijke naleving van de door hem gegeven instructies. Daarbij is in aanmerking te nemen dat, nu de wet de verantwoordelijkheid en zorg voor de veiligheid van de werkplek nadrukkelijk bij de werkgever heeft gelegd, niet spoedig zal kunnen worden aangenomen dat omstandigheden aan de kant van de werknemer die verantwoordelijkheid en zorg doen vervallen.

Het gerechtshof oordeelt dat kratten niet zomaar in een werkruimte op de grond horen, zeker niet zoals ze in dit geval waren geplaatst: met de korte kant tegen/richting de muur, in elkaars verlengde (waardoor de kratten verder de kantoorruimte in staken dan wanneer zij met de lange zijde (en gestapeld) tegen de muur zouden zijn geplaatst). De werkgever had het ongeval eenvoudig kunnen en moeten voorkomen door instructies te geven niet zomaar kratten op de werkvloer neer te zetten waar rondgelopen wordt. Op het naleven van die instructie had zij eenvoudig kunnen toezien. Dat heeft zij niet gedaan en dat is haar aan te rekenen. Hierbij neemt het gerechtshof mede in aanmerking dat de kantoorruimte alleen door werknemers van de werkgever werd bezocht en dat een collega de kratten dus heeft neergezet. De vergelijking met prullenbakken of papierbakken op de werkvloer gaat volgens het gerechtshof niet op. Die horen op de werkvloer en staan vaak onder of achter een bureau.

Het gerechtshof oordeelt tot slot dat het vallen over kratten zeker niet moet worden beschouwd als een verwezenlijking van een alledaags gevaar waarvoor niet behoeft te worden gewaarschuwd.

Conclusie

Het gerechtshof oordeelt dat de werkgever de zorgplicht heeft geschonden en dus aansprakelijk is voor de gevolgen van het ongeval.

Heeft u vragen over dit onderwerp?

Heeft u een vraag over dit onderwerp of bent u benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen? Bel dan met 073 212 0027, stuur een Facebookbericht of stuur een e-mail naar info@jba.nl.

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.