Onlangs verscheen er een arrest van het Hof Amsterdam over de vraag of een schilderij van Van Gogh authentiek was. Het ging om een bloemenstilleven, met de titel “Still life with peonies”. De eigenaar van het schilderij was van mening dat het schilderij uit de hand van Van Gogh kwam, maar de deskundige van het Van Gogh Museum dacht daar anders over.

Wat speelde er precies? In 1978 had de eigenaar het schilderij, althans de kleurenfoto’s daarvan, ter expertise aangeboden aan het Rijksmuseum Vincent van Gogh, dat samen met de Rijksdienst Kunsthistorische Documentatie (RKD) expertiseverzoeken behandelde. De RKD was van mening dat het niet om een schilderij van Van Gogh ging.

Vanaf 1980 is het schilderij vervolgens door meerde deskundigen onderzocht die niet aan het Vincent van Gogh Museum of de RKD verbonden waren. Deze deskundigen waren wel van mening dat het schilderij aan Van Gogh kan worden toegeschreven.

In 2001 heeft vervolgens het Van Gogh Museum een verzoek gekregen om een uitspraak te doen over de authenticiteit van het schilderij. Het expertiseteam van het Van Gogh Museum heeft het schilderij aan een visueel onderzoek onderworpen en kwam tot de conclusie dat het schilderij niet aan Van Gogh kon worden toegeschreven. Daartoe overwoog het expertiseteam als volgt:

‘(…) We have studied the material carefully and investigated the work in Amsterdam. It is our opinion that your painting, Still life with peonies (37,5 x 43,5 cm), can not be attributed to Vincent van Gogh.

The brushstroke is not comparable to Van Gogh’s way of painting, neither do the colours agree with his usual palette. If we assume that the scraped out signature is indeed ‘original’(ie. not added by another hand), then the painting must even have been a deliberate fake. Several technical features suggest that this may have been the case. First, large parts of the composition were laid in with a white paint to create the impasto texture, applying colour only in thin layers brushed wet-on-wet on top. This differs from Van Gogh’s full-bodied application of different colours. Furthermore, the impression of the canvas pattern in the impasto seems to have been the result of laying the still wet picture onto a red painted canvas, which is based on a wrong interpretation of the same phenomenon in Van Gogh’s oeuvre. Sometimes paintings by Van Gogh show transferred flakes of paint on the surface, due to the fact that another canvas that was still wet was stacked faced to face, sticking together. Often impasto in Van Gogh’s paintings may also show the impression of a canvas pattern, due to the back side of another canvas touching the pain surface. In this painting however, these two elements are combined, as the canvas pattern is coloured.

I am sorry to disappoint you. (…)’

De eigenaar van het schilderij ging vervolgens procederen en vorderde een verklaring voor recht dat het Van Gogh Museum onrechtmatig had gehandeld door op onjuiste gronden de opinie te verstrekken en in stand te houden. De eigenaar vond dat de deskundige niet had gehandeld conform de norm van een “bekwaam en zorgvuldig handelende (gespecialiseerde) deskundige”. Ook vorderde de eigenaar het Van Gogh Museum te veroordelen in de schade als gevolg van de – naar zijn mening – onterechte mening van het expertiseteam.

Het Hof boog zich in hoger beroep over de kwestie en oordeelde dat aan de rechter in dit geval geen oordeel toekwam over de inhoudelijke juistheid van de opinie van het Van Gogh Museum. “Toeschrijving van een schilderij aan een bepaalde schilder is geen exacte wetenschap, maar het resultaat van een beoordeling die tot het exclusieve terrein van ter zake deskundigen behoort. Daarbij komt het aan op een optelsom van elementen, zoals de herkomst, de voorstelling en stijl van het werk, waarbij de uitkomst afhangt van hoe de verschillende elementen worden gewogen en geïnterpreteerd; uiteindelijk komt het aan op een tot op zekere hoogte intuïtieve eindafweging en overtuiging. Dat betekent dat verschillende deskundigen tot verschillende uitkomsten kunnen komen, zoals in het onderhavige geval ook is gebleken. Het Van Gogh Museum kan niet worden verplicht afstand te nemen van de resultaten van de eigen afweging, op de grond dat ook een andere mogelijk is. De rechter kan slechts beoordelen of de deskundigen van het Van Gogh Museum in strijd hebben gehandeld met de voor hen geldende zorgvuldigheidsnormen”, aldus het Hof. Verder waren er ook geen andere wettelijke normen of normen van het NIVRE geschonden door het Van Gogh Museum (N.B. de normen van het NIVRE waren overigens in dit geval ook niet van toepassing).

Het Van Gogh Museum had zijn opinie volgens het Hof in begrijpelijke termen schriftelijk gemotiveerd. Summier, maar voldoende duidelijk, begrijpelijk en innerlijk consistent. Daarnaast had het Van Gogh Museum goed nagedacht of de mening naar aanleiding van de andere deskundigenrapporten moest worden herzien. Daarbij had het Van Gogh Museum er blijk van gegeven open te staan voor andere of nieuwe argumenten. Het expertiseteam kwam dus tot de conclusie dat het schilderij niet authentiek was, er werd overigens niet gezegd dat het schilderij een “vervalsing” was.

Helaas voor de eigenaar werd hij in het ongelijk gesteld. Aan de deskundige komt dus een grote mate van vrijheid toe bij de totstandkoming van zijn deskundigenoordeel.

Contact

Hebt u een vraag op het gebied van kunstrecht, of bent u benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen? Bel dan met 073-6900888, stuur een facebookbericht, of stuur e-mail naar info@jba.nl.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *