Een ongeval meemaken waar een ander voor aansprakelijk is en waar je al dan niet ernstig letsel aan over houdt, is een situatie waar je liever niet in terecht komt. Indien dit toch gebeurt, kan de vergoeding die je ontvangt voor je geleden en te lijden schade de nare (financiële) gevolgen van het ongeval gelukkig enigszins beperken.

Die schadevergoeding, ook wel een letselschade uitkering genoemd, komt toe aan het slachtoffer en heeft een persoonlijk karakter. Als slachtoffer beslis jij dan ook in eerste instantie wat er met de vergoeding gebeurt. Dit wil je graag zo houden. Maar wat nu als je in gemeenschap van goederen bent gehuwd en je staat op het punt om te gaan scheiden? Valt de letselschade uitkering in dat geval in de gemeenschap van goederen? En zo ja, betekent dit dat een deel van die uitkering in handen van je toekomstige ex-partner belandt?

Verknochtheid van goederen

Wanneer je in gemeenschap van goederen bent getrouwd, vallen in principe alle goederen van de echtgenoten in de gemeenschap (art. 1:94 lid 1 BW). Dit geldt niet voor goederen die “verknocht” zijn. Een goed is verknocht wanneer er tussen een goed en één van de echtgenoten een zodanig hechte en persoonlijke band bestaat dat dit goed niet in de gemeenschap van goederen valt. Gaat dit ook op voor een letselschade uitkering?

Is een letselschade uitkering verknocht?

De rechter heeft zich in het verleden meerdere malen over deze vraag gebogen. Zo ook de Rechtbank Amsterdam op 10 mei 2017 in een echtscheidingsprocedure tussen een man en een vrouw. De man verzoekt de rechtbank te bepalen dat diens letselschade uitkering buiten de gemeenschap van goederen valt.

De rechtbank oordeelt als volgt. Op het moment dat een van de echtgenoten vergoeding ontvangt van schade die deze echtgenoot heeft geleden als gevolg van een ongeval, of hier een aanspraak op heeft, is er niet reeds sprake van verknochtheid. Steeds moeten de omstandigheden van het geval in aanmerking worden genomen. Het is uiteindelijk aan de rechter om ten aanzien van ieder component van de vergoeding afzonderlijk te bepalen of dat deel als verknocht moet worden aangemerkt.

Zo wordt bijvoorbeeld smartengeld (waarover je meer kunt lezen in een eerder artikel) over het algemeen als verknocht beschouwd. Smartengeld is naar haar aard bestemd om te dienen als compensatie voor leed – zoals pijn, verdriet en verminderde levensvreugde – en dus uitsluitend afgestemd op de echtgenoot aan wie de uitkering is bestemd, aldus de rechtbank.

De vergoeding van materiële schade, zoals kapotte kleding of reiskosten van en naar het ziekenhuis, kan daarentegen wél in de gemeenschap vallen. Er bestaat dus een kans dat van die component van de vergoeding een deel naar de toekomstige ex-partner vloeit.

Wetswijziging gemeenschap van goederen

Per 1 januari 2018 wordt de gemeenschap van goederen beperkt. Voortaan worden alleen goederen en schulden die tijdens het huwelijk worden verkregen gemeenschappelijk. De goederen die een echtgenoot vóór het huwelijk had, blijven van die echtgenoot. Dit geldt voor alle huwelijken die na 1 januari 2018 worden gesloten. Voor het letselschadeslachtoffer dat na 1 januari 2018 is getrouwd, vóór het huwelijk een letselschade uitkering heeft ontvangen en in de toekomst in een echtscheiding verwikkeld raakt, betekent dit dat hij of zij niet langer bang hoeft te zijn dat een deel van de uitkering af moet worden gestaan aan de partner. Wij van Jeroen Bosch advocaten vinden dit in elk geval een positieve ontwikkeling!

Contact

Bent u als letselschadeslachtoffer verwikkeld geraakt in een echtscheiding en wilt u weten wat dit betekent voor uw letselschade uitkering? Schroom dan niet om contact met ons op te nemen. Bel ons op nummer 073-6900888, stuur een facebookbericht, of stuur een e-mail naar info@jba.nl.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *