Aansprakelijkheid stichting voor val vrijwillige schaatsbaanwacht tijdens het Vlaardingse Winterterras

Recent procedeerde ons kantoor in een kwestie waarbij een vrijwilliger van een tijdelijke schaatsbaan tijdens de uitoefening van zijn werkzaamheden ten val is gekomen. Op 7 oktober jl. deed de rechtbank uitspraak in deze deelgeschilprocedure. U kunt de uitspraak hier nalezen.

Kwestie

Verzoeker had zich aangemeld als vrijwillige schaatsbaanwacht bij het Vlaardingse Winterterras. Deze functie voerde verzoeker uit op schaatsen. Tijdens zijn eerste dienst als schaatsbaanwacht is verzoeker ten val gekomen met flink letsel aan zijn arm tot gevolg. Hierdoor is hij sinds het ongeval niet meer in staat geweest om zijn werkzaamheden als zelfstandige uit te voeren.

Verzoeker heeft daarop de stichting achter het evenement aansprakelijk gesteld. De stichting is voor aansprakelijkheid verzekerd bij Nationale Nederlanden. Nationale Nederlanden heeft de aansprakelijkheid van de hand gewezen, omdat zij vinden dat de stichting aan haar zorgplicht heeft voldaan. Reden waarom verzoeker een deelgeschilprocedure tegen de stichting en diens verzekeraar aanhangig heeft gemaakt.

Grondslag aansprakelijkheid

In lid 4 van artikel 7:658 BW is bepaald dat als iemand zonder arbeidsovereenkomst wordt ingezet voor de uitoefening van beroep of bedrijf, de overige leden van dat artikel van overeenkomstige toepassing zijn. Dat houdt in dat de werkgever ook ten opzichte van een vrijwilliger een zorgplicht heeft en aansprakelijk is voor de schade van de vrijwilliger indien de werkgever niet kan aantonen aan de zorgplicht te hebben voldaan.

Deelgeschilprocedure

In de deelgeschilprocedure heeft de stichting het verweer gevoerd dat artikel 7:658 BW niet van toepassing is, omdat de schaatsbaan nog niet officieel zou zijn geopend en verzoeker recreatief aan het schaatsen zou zijn ten tijde van de val. De kantonrechter gaat daar niet in mee. Hoewel de avond van het ongeval nog een try-out was en de schaatsbaan nog niet officieel was geopend, konden bezoekers reeds een toegangskaartje kopen en van de schaatsbaan gebruik maken. Van die mogelijkheid werd ook daadwerkelijk gebruik gemaakt. Verder stond verzoeker tijdens deze try-out ingeroosterd en werd geacht aanwezig te zijn om zijn functie als schaatsbaanwacht uit te voeren. Dat verzoeker, zoals gesteld door de stichting en nadrukkelijk door verzoeker betwist, mogelijk ook voor zijn plezier rondjes aan het schaatsen was, doet daar niets aan af. Gesteld noch is gebleken dat dit door de stichting verboden was en het rondschaatsen was ook noodzakelijk om toezicht te kunnen houden. Het was namelijk niet mogelijk om de gehele ijsbaan vanaf één positie in de gaten te kunnen houden.

De kantonrechter gaat ook niet mee in het verweer dat de stichting aan haar zorgplicht zou hebben voldaan. Schaatsen brengt een risico met zich mee. De stichting was zich daarvan bewust, getuige het afsluiten van een ongevallen- en aansprakelijkheidsverzekering voorafgaand aan het evenement. Hoewel het volgens de stichting niet verplicht was om de functie als schaatsbaanwacht op schaatsen uit te voeren, werd dit wel in de vacature vermeld en geeft de stichting zelf toe dat de functie ook het beste op schaatsen kon worden uitgevoerd. De voorlichting die de stichting heeft gegeven aan de vrijwilligers, zag echter enkel op de taken van de schaatsbaanwachten, maar niet op de wijze waarop de schaatsbaanwachten hun taak op een zo veilige mogelijke wijze konden uitvoeren. Daarbij heeft de stichting niet bij het aannemen van de baanwachten geïnformeerd naar hun schaatservaring. Voorgaande had, gezien de risico’s van het schaatsen, wel van de stichting mogen worden verwacht. Dat leidt volgens de rechtbank tot de conclusie dat de stichting onvoldoende maatregelen heeft getroffen om haar vrijwilligers te beschermen. De rechtbank acht de stichting daarom aansprakelijk voor het ongeval dat verzoeker tijdens de uitoefening van zijn functie als baanwacht is overkomen.

Hoger beroep

Nationale Nederlanden heeft inmiddels kenbaar gemaakt tegen de uitspraak van de kantonrechter in tussentijds hoger beroep te gaan. Wordt derhalve vervolgd…

Contact

Wilt u weten wat deze uitspraak voor u betekent? Neemt u dan vooral contact met ons op. Dat kan via het telefoonnummer boven in beeld of via info@jba.nl.

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *